Afdalen in de vaste materie en ervan loskomen

Het lijkt een droom om in de materiële wereld zover af te dalen dat in het bewustzijn alle schoonheid en comfort beleefd kunnen worden als een zinvolle ervaring, als een verrijking waarmee je als ‘verloren zoon’ een buitengewone ervaringsvolheid kunt bereiken. Het ‘mens durf te leven’ is een waardevrije aansporing om te genieten – met mate, natuurlijk! – van de wonderlijke, ontroerende en menigmaal ontluisterende werkelijkheid van tijd en ruimte, waarin we op onze vrije planeet verkeren.

Afdalen in de vaste materie en ervan loskomen

Want we kunnen als mensheid zoveel, al dan niet geholpen door wetenschappelijke en technologische revoluties. We kunnen zoveel maken wat het leven dient met comfort en gemak. Wanneer is de bodem van die maakbaarheid, de ground zero van ons kunnen, in zicht en wanneer hebben we de wereld van tegenstellingen doorgrond en verwerkt zodat we de slotsom kunnen opmaken voor onze ervaringsvolheid?

Chemische ondergrens

Aanvankelijk was er het ‘plastic criterium’, het grenzen-aan-de-groei besef dat mondiaal, te beginnen met het rapport van de Club van Rome in de jaren zeventig van de vorige eeuw, de signalen afgaf dat het groeimodel tot wezenlijke verontreiniging moest leiden en zo de onleefbaarheid van de wereld steeds meer in de hand zou werken. Dat criterium werd nog voorafgegaan door Silent Spring [1], het geruchtmakende boek van Rachel Carlson (1962) dat de gevolgen van het buitensporig gebruik van gif in de landbouw (later eufemistisch ‘gewasbeschermingsmiddelen’ genoemd) schetste met de komst van een dode lente.

Insecticiden en andere gifsoorten doden veel meer dan de bedreigers van gewassen; ze doden veel leven dat ook ‘nuttig’ voor ons is. Zo heeft een Zwitsers onderzoek inmiddels aangetoond van de groep van insecticiden genaamd neonicotinoïden (neonics), dat dat gif inmiddels aanwezig is in hoofdhaar, bloed en urine van volwassenen, maar dat het ook in het hersenruggenmergvocht van kinderen is aangetroffen. [2]

Trekvogels, sluipwespen en zweefvliegen zijn voorts slachtoffer van de neonics, die aanvankelijk (in de jaren negentig) verkocht werden als ‘veilig’.

Tevens hebben neurologen verklaard dat de link tussen landbouwgif en de ziekte van Parkinson vaststaat. [3]

Ondernemen op en onder de grens van het toelaatbare

Ondernemende mensen doen aldus schade op de bodem van de materiële werkelijkheid, vaak omdat ze de natuur aanzetten tot een ‘winstgevende’ productie, die alleen nog met behulp van chemicaliën lijkt te kunnen worden bereikt.

De gedeelde notie in de materiële wereld is over het geheel genomen: om te bestaan in de wereld heb je werk nodig dat betaald wordt, heb je middelen van bestaan nodig. In het huidige stelsel kan dat vooral wanneer je werkt voor een bedrijf met een financieel winststreven. Niet-groeien is eigenlijk geen optie. Ook bij klimaatinitiatieven teneinde dramatische gevolgen van ons economisch systeem te kunnen ‘neutraliseren’ is voortdurend het streven gericht op een zogenoemde win-winsituatie. Bij winststreefloze organisaties, non-profitinstellingen, overheidsinstanties, is ten slotte het marktdenken ook overgenomen en alles wat maar enigszins verdienste zou kunnen opleveren, wordt ‘vermarkt’: onderwijs, zorg, verkeer en vervoer.

Winst en verlies op het astrale vlak

Het intellect wordt geheel en al ingezet om markten te vinden. En als die gevonden zijn en de bedrijven ervoor functioneren, dan moeten die markten opengehouden worden, het koste wat het kost… Ook zelfs in internationaal verband, al kost het miljoenen levens. Wie zich verdiept in de oorzaken van vele oorlogen, wie de oorzaken heeft bestudeerd van de Eerste en de Tweede Wereldoorlog, slaan de schrik en ontsteltenis om het hart. (…)

De kooplieden dezer aarde controleren de staat, zij controleren de godsdienst en de wijsbegeerte. Kortom alles staat hun ten dienste… (…)

Hoe ontstellend, hoe tekenend voor de verzonken staat der mensheid. Als u daaraan meedoet, treedt u niet alleen in een oneerlijke praktijk, maar bederft u daardoor uw gehele persoonlijkheid. Als u moet bedenken hoe u winst kunt maken en bereid bent daartoe bepaalde praktijken in toepassing te brengen, bederft u, terwijl uw denken daarop gericht is, onmiddellijk uw astrale voertuig. [4]

Let wel, dat waren de omstandigheden van zestig jaar geleden, maar het marktdenken is sindsdien alleen nog maar extremer geworden.

Zakelijkheid

Het grenzen-aan-de-groei besef op het dieptepunt van stofleven, op de bodem van de materie heeft uiteindelijk slechts het verlangen gewekt het uiterste aan effectief en efficiënt gebruik van die materie te willen bereiken, organisatorisch lean and mean te opereren in een productieproces dat zo zakelijk mogelijk wordt ingericht. Die koude, zakelijke benadering komt bij velen als zielloos over en het is begrijpelijk dat wanneer dat de enige manier zou zijn om volgens het groeiprincipe te overleven, het toch acceptabel genoemd zou moeten worden: dan maar geen ziel, als je maar wel kan overleven! Mogelijk is dat de reden dat J. van Rijckenborgh in De Egyptische Oergnosis  aangeeft dat het moderne zakenleven zelfs de ondergang van het maatschappelijk verkeer keer op keer bewerkstelligt: je overleeft wellicht, maar je trekt de ziel uit de samenleving.

Dwingen tot soberheid?

Is er dan geen levensstijl mogelijk die ons bewustzijn kan leren los te laten, na de indaling zo diep in de stof? Daarbij mogen we ons wel eens bewust zijn dat het niet de natuur is die de ontreddering heeft veroorzaakt, maar menselijk handelen vanuit een eenzijdig economisch perspectief met het oog op een eenzijdig winstmodel.

Een vooraanstaand biochemicus (Martijn Katan) ziet wat betreft de op ons afkomende ‘klimaatdreiging’ als oplossing een stringent ‘consuminderen’: minder rijden, minder vliegen, minder vlees eten, minder spullen kopen. We zouden ons dan in ieder geval los kunnen maken van geneugten die we als welvaart hebben verworven en die ons inderdaad binden aan de stoffelijke realiteit. Maar er is helaas geen ‘verdienmodel’ te verzinnen voor deze lifestyle, dus zonder dwang is consuminderen een illusie en met dwang levert het geen bevrijdend inzicht op. Psychologisch, als zielewezen, is soberheid en het ‘loslaten’ als een delicaat en subtiel manoeuvreren in de materiële wereld van tijdruimte, omdat de identificatie met de Ander als innerlijke bron, de solidariteit met de Metgezel – als een voortdurende gerichtheid juist in stand dient te blijven, ‘vastgehouden’ moet worden! Als de gerichtheid daarop verslapt door bijvoorbeeld binnensluipend egoïsme, is de soberheid en het ’biologisch minimum’ vrijwel gelijk geen haalbare kaart meer.

De beste en sterkste materiële basis

Ondertussen is de binding aan de materie sterker dan ooit door geavanceerde technieken en chemische processen te benutten voor de productie van ‘luxe’ goederen, hoe schadelijk die ook zijn voor wereld, natuur en mensheid. Als voorbeeld kan worden genoemd de poly- en perfluoralkylstoffen, beter bekend als PFAS. Ze zijn fantastisch. De moleculen zijn ontzettend stabiel, hittebestendig, non-reactief, water- én vuilafstotend, warmtegeleidend, hebben een lage oppervlaktespanning. Vanwege hun unieke chemische eigenschappen zijn ze overal. Ze zitten in regenjassen, pannen, voedselverpakkingen, lippenstift, brandblusschuim, cement, wax voor ski’s, batterijen, fotopapier, airco, zonnepanelen, kogels, autolak, tapijten, glas, leer, tandpasta, flosdraad, gitaarsnaren, pianotoetsen, tennisrackets, golfhandschoenen, diverse onderdelen van smartphone, hartpompen, natuurkundige deeltjesversnellers en in smeermiddel, gebruikt in kerncentrales en ruimtevaart. We hebben als het ware een nieuw en hecht fundament met de materie gelegd, zodat onze levens comfortabel en divers geleefd kunnen worden.

Toch zijn wetenschappers het erover eens dat we van PFAS afscheid moeten nemen, moeten ‘afkicken’, want de meest gebruikte en beruchtste PFAS zijn giftig: ze veroorzaken schade aan het immuunsysteem en in hogere concentratie kunnen ze kankerverwekkend zijn of leiden tot schade aan de lever en schildklier. Eenmaal in het milieu gaan PFAS nooit meer weg: ze breken niet af en vele verplaatsen zich moeiteloos door water, grond en lucht tot in voedsel en drinkwater. En veel PFAS zijn ‘bio-accumulatief’: ze stapelen op in het bloed, tot mogelijk schadelijke concentraties. [5]

Vanwege hun unieke chemische eigenschappen zijn PFAS sinds de jaren vijftig massaal geproduceerd, waardoor elk mens op aarde nu PFAS in het bloed heeft.

De ‘manen’ van geconcentreerd goed en kwaad

Het lijkt erop dat wanneer we op een natuurlijke wijze de ‘materie’ willen loslaten, we er tot in het bloed hecht mee verbonden blijken te zijn en eerst de winst van welvaart en het streven naar een verdienmodel actief de rug zouden moeten toekeren. Niet als boetedoening, maar als diep doorvoelde noodzaak in de chaos waarin we onszelf en de planeet hebben geëxploiteerd.

De ontketening van alle winstgestuurde experimenten met de natuur in technische, chemische en elektromagnetische zin, is evenwel niet vrijblijvend en vormt – zeker als het zich slecht verhoudt met de natuurlijke fundamentele aardstraling – een belemmering voor welke onthechting aan de besloten dialectiek dan ook. Want we zien mede in die experimenten in de stofsfeer een concentratievorming van al het kwaad der mensheid in actuele openbaring. In het boekje Er is geen ledige ruimte [6] geeft J. van Rijckenborgh aan dat die concentratievorming mede gevoed is door het kwaad dat de mensheid bedrijft in denken, willen en doen en dat het als het ware een tijdelijk hemellichaam vormt, dat zo krachtig kan worden dat het boven die van de natuurlijke uitstralende aardstroom uitstijgt.

Als dat gebeurt, zal deze ‘maan’ letterlijk op de aarde vallen en ontzaglijke rampen veroorzaken, die het aardleven zoals we dat nu kennen totaal onmogelijk maken, zo geeft J. van Rijckenborgh in voormeld boekje aan.

Don’t look up

Ook de satirische moderne Netflix-film ‘Don’t look up’ schetst een fataal einde door een hemellichaam van zeer grote omvang recht op de aarde te laten afstevenen en de aarde te treffen. De film toont dat en hoe de politiek en de infotainmentwereld in de ontkenning ‘wegduiken’ omdat het beleven van een prettige consumptie- en bestaansrealiteit dreigt te komen te vervallen: ‘Kijk niet naar de naderende komeet’ wordt aanbevolen.

Als we door de volheid van ervaring, in een bewust proces van selectief loslaten van het laagste aanzicht van de stofsfeer, onze welvaart en verworvenheden in de stof willen behouden, dan raast in volle vaart de concentratie van ons ‘kwaad’, maar ook de concentratie van een goedheidscultus op ons af. Als twee ‘manen’ vallen ze op de aarde.

Zo is de terugkerende apotheose uit legenden en cultuurgegevens te begrijpen als  de twee samenpakkingen van elektromagnetische krachten, die periodiek de aarde en de mensheid treffen als concentraties van onwaarachtigheid, als ‘mysterie-manen’.

Zo is de huidige ontreddering te begrijpen vanuit de Universele Leer, zoals deze in Er is geen ledige ruimte is vertolkt door J. van Rijckenborgh: de natuurlijke uitgaande aardstraling is niet meer bij machte de elektromagnetische concentraties van de door de westerse cultuur geproduceerde psychologische, mentale en etherische schijnwerkelijkheden van de aarde verwijderd te houden. Het loskomen van de materie zal daardoor ook problematischer worden.

Het einde van de satirische Netflix-film is veelzeggend: als de mensen de onafwendbaarheid van de komeetinslag beseffen, gaan ze in grote nood bidden tot een uiterlijke godheid.

Hoewel de film vrij unaniem wordt gezien als een ‘klimaatfilm’ en de komeet als een symbool voor de klimaatcrisis, zou je kunnen stellen dat het wegkijken en wegliegen van het hemellichaam dat op aarde zal vallen, overeenkomt met ons vasthouden aan de profijtelijke ‘rijkdommen’ van de materiële wereld: als we daaraan willen vasthouden, moeten we wel naar ‘beneden’ kijken: Don’t look up!

Bronverbinding

De verloren zoon beseft evenwel de schijn van de wereldse rijkdom en de doem van het profijtelijke hebben en houden en weet dat hij de source connection van de binnenkamer als weg moet volgen en niet zich in wanhoop aan een uiterlijke God kan vastklampen.

We hebben in het Westen, maar zeker ook mondiaal meer dan ooit binding gemaakt met de uiterlijkheid van materie met het lage trillingsniveau van de door vijf zintuigen waarneembare stoffelijkheid. De ziel kan zich dat bewust worden en een voor een de banden los(ser) maken en de kleefkracht, het zuigen en het trekken van de kracht ‘beneden’ tenietdoen.  De vereenzelviging met geestelijke realiteit houdt gelijke tred met het minder worden van de aandacht voor en beleving van verslavingen, gewenningen, bezit voor zover deze ‘stofgerelateerd’ zijn. Immers, als het goed is, regeert de geest over de stof, waar de ‘stof’ als waan wordt herkend. En we hebben de onschatbare hulp van de ziele-intuïtie, een ‘zintuig’ dat ons boven de vijfzintuigenwaarneming in een directe werkzaamheid de geestelijke werkelijkheid ingeeft, doet schouwen.

Sommigen die de stofsfeer bewust loslaten, erkennen dat het van wezenlijk belang is om een band te voelen met de wereld, met de materie. De reis naar en door het laagfrequente trillingsgebied heeft een belangrijke kenniscomponent, die de ervaring compleet kan maken: ons bewustzijn groeit door de wijsheid die daarmee verbonden is. We kunnen ‘aangeraakt’ worden door die wijsheid, wanneer onze gerichtheid niet primair op winst, macht of genieten gevestigd is.

Wordt van aanraakbaarheid rijk,

schrijft Lucebert [7] na de beroemde dichtregels:

Alles van waarde is weerloos.

Het besef dat aan die rijkdom van aanraking door de stofsfeer ten grondslag ligt is, is dat werkelijk grip krijgen op de dingen een hersenschim is. We hebben geen mentale noch astrale macht om grip te krijgen op ‘de dingen’. Als we ons verliezen in de pogingen om te heersen over de stof vanuit winst, macht of genot, ketenen we onszelf aan de laagwaardige kant van de stofsfeer, in plaats van aangeraakt te worden door de wijsheid en de schoonheid die de natuur zo rijkelijk bevat.

Meetbaar en concreet is die wijsheid niet, al is

elk ding op aard aanbidding waard, kloppend van goddelijk leven.

Direct onderscheidingsvermogen

Met de ziele-intuitie kunnen we wel alle beelden, alle door mensen geproduceerde mentale concepten doorkruisen als subjectieve en relatieve magnetische werkingen die hun tijd hebben gehad. Het lijkt alsof de materiegerichtheid in de samenleving als ‘economische motor’ bevroedt dat in deze tijd dat zelfstandige vermogen van ziele-intuïtie machtiger aan het worden is bij diegenen die van binnenuit de zelfrealisatie in enduristisch streven beoefenen. En dat de technologisch en markteconomisch ontspoorde samenleving daarom de vrije ruimte probeert te vullen met ‘schermbeelden’ die wel de waarneming via de vijf zintuigen bindt. Zodat je vrijwel alleen zonder smartphone de focus op de ziele-intuïtie kunt behouden. Wat door de eenzijdige digitale technologische ontwikkeling opdoemt, is de mogelijkheid ons mens-zijn, onze identiteit te reduceren tot een digitale identiteit, waar de smartphone nog maar een eerste aanzet toe geeft. Europa werkt al aan een digitale identiteit, genaamd eID.

Ter optimalisering van zijn dagelijkse handel en wandel laat de datamens zich allerlei digitale dwangbuizen aanmeten. Men meent aan een vorm van algoritmisch zelfbestuur te doen – met behulp van lifestyle-apps, automatische zoeksuggesties, Facebook- en Twitter-feeds of de Google-routeplanner – maar is in wezen onderdeel van een gedigitaliseerd marionettenspel. En zo danst de datamens steeds onwillekeuriger naar de pijpen van onzichtbare, in non-descripte datacentra verstopte poppenspelers en koestert ondertussen de illusie dat hij het zèlf is die denkt, doet en voelt… Er wordt weleens gevreesd dat robots op mensen gaan lijken, maar eerder moeten we het omgekeerde vrezen: dat mensen gaandeweg in robots veranderen.

Aldus Hans Schnitzler in Wij nihilisten, een zoektocht naar de geest van digitalisering [8].

Verloren hebben en verloren zijn

De consequentie daarvan kan zijn dat de verloren zoon gewoon niets meer heeft om los te laten, omdat het niet meer zijn bewustzijn is dat de ‘werkelijkheid’ draagt. Bewustzijn en werkelijkheid zijn dan definitief versleuteld tot een kunstmatig digitale intelligentie. De verloren zoon zou verloren hebben en zijn.

Het loslaten in de duistere dreven van de materiële verhoudingen is een actief en bewust proces, waarbij je jezelf als zielepotentie niet mag kwijtraken in de virtuele subrealiteit. Dat bij jezelf blijven is een proces zonder de gebruikelijke traditionele geloofsbinding met een macht buiten en boven jezelf. Voor de westerse mens is die vorm van religie definitief voorbij.

De bruiloft

Wat we juist niet hoeven los te laten, is de door aanraking met wijsheid en schoonheid hervonden verhouding met de geest die over stof heerst zonder bezitsdrang, zonder machtsstreven, zonder winstoogmerk. De kracht der dingen, kloppend van goddelijk leven. Die geestkracht, waaruit we vanuit zuivere ziele-intuitie kunnen putten, trekt ons op uit de grove stof tot op en in de Nieuwe Aarde, die er al is, zodat het loslaten helemaal niet moeilijk is.

Door het leven in de dynamische stofsfeer is de ziel geladen met een breed draagvlak voor die geestwerking, die kan uitmonden in een vurige eenwording. Loutering en beproeving vormen een belangrijk onderdeel van die eenwording die mede daarom alchemisch genoemd kan worden. Chemie is verbonden met de materie van dit kosmisch gebied. De alchemie van de geestelijke synthese stijgt uiteindelijk uit boven de scheikunde van materiële condities.


Bronnen:

[1] Rachel Calson, Silent Spring, 1962

[2] Environmental Health, 2021

[3] Prof. Bas Bloem, Radboudumc Nijmegen

[4] J. van Rijckenborgh, De Egyptische oergnosis III, hoofdstuk XV, Onze levenshouding en de huidige omstandigheden, Rozekruis Pers, Haarlem 2013

[5] NRC Science, 16 and 17 January 2022

[6] J. van Rijckenborgh, Er is geen ledige ruimte, Rozekruis Pers, Haarlem 1984

[7] Lucebert, De zeer oude zingt, 1954 from Verzamelde Gedichten, De Bezige Bij, Amsterdam 2002

[8] Hans Schnitzler, Wij nihilisten, een zoektocht naar de geest van digitalisering, De Bezige Bij, Amsterdam 2021

Print Friendly, PDF & Email

Deel dit artikel

Artikel informatie

Datum: oktober 8, 2022
Auteur: Frans Spakman (Netherlands)
Foto: dahlia-Ralphs_Fotos auf Pixabay CCO

Featured image: